Gebedsactie voor godsdienstvrijheid in Iran        
Logo Raad van Kerken Nederlandse bahá'ís roepen op tot gebedsactie voor godsdienstvrijheid in Iran        
Meer informatie over deze aktie mail Keyvan
  PERSBERICHT
   
 
Over de onmenselijke omstandigheden waarin mensen van verschillende achtergronden zich in bevinden, waaronder een pastoor, een bekeerde christen, de bahai's en een joodse man.
 

Nederlandse bahá'ís roepen op tot gebedsactie voor godsdienstvrijheid in Iran        

De Nederlandse bahá'ís houden komend weekend een gebedsactie voor godsdienstvrijheid in Iran. Er is een oproep uitgegaan tot gebed in kerken, synagogen, moskeeën, mandirs en andere gebedshuizen (zie bijgaande flyer).

De bahá'ís zullen zelf tussen vrijdagavond 13 en zaterdagavond 14 mei in Nederland met elkaar verbonden zijn door een gebedsmarathon van vierentwintig uur. De actie heeft te maken met het feit dat de zeven bahá'í-leiders in Iran komende zaterdag precies drie jaar onder erbarmelijke omstandigheden onschuldig in de gevangenis zitten en het vierde jaar van hun gevangenschap ingaan. Zij kregen na een schijnproces een straf van twintig jaar opgelegd. Die straf werd in hoger beroep omgezet in tien jaar, maar onlangs mondeling weer verhoogd naar twintig jaar. De Nationale Geestelijke Raad van de Bahá’ís in Nederland wil met de gebedsactie aandacht vragen voor deze schrijnende zaak. Daarnaast is de actie bedoeld voor alle gewetensgevangenen in Iran, of ze nu joods, christen, moslim of bahá’í zijn en die vanwege hun overtuiging gevangen zitten of onderdrukt worden. ‘Zij allen verlangen naar godsdienstvrijheid om hun talenten aan de Iraanse samenleving te kunnen schenken’, aldus de Nationale Geestelijke Raad.

De zeven bahá'í-leiders die gevangen zitten zijn: Fariba Kamalabadi, Mahvash Sabet, Jamaloddin Khanjani, Afif Naeimi, Saeid Rezaie, Behrouz Tavakkoli and Vahid Tizfahm. Zij vormden een groep die bekend stond als de Yarán (Vrienden) en die de zaken behartigden van de bahá'ís in Iran, die daar de grootste religieuze minderheid vormen. In eerste instantie zaten de zeven onrechtmatig dertig maanden opgesloten in de Evin-gevangenis van Teheran. Daarna kregen ze in augustus vorig jaar op basis van valse beschuldigingen twintig jaar gevangenisstraf. Sinds die tijd worden ze gevangen gehouden in de gevangenis van Gohardasht. Op dinsdag 3 mei jl. zijn de twee vrouwen, Fariba Kamalabadi en Mahvash Sabet, overgebracht naar de gevangenis van Qarchak, zo’n 45 kilometer van Teheran.

‘Wij hebben begrepen dat ze gevangen zitten met 400 andere gevangenen in een soort van opslagruimte met minimale faciliteiten’, aldus Bani Dugal, die de internationale bahá'í-gemeenschap vertegenwoordigt bij de Verenigde Naties. ‘Het is niet duidelijk of dit verblijf van lange duur zal zijn, maar feitelijk is iedere dag van gevangenschap al te lang voor deze onschuldige mensen’. De vijf mannen zitten nog steeds in een vleugel van de Gohardasht-gevangenis, die is gereserveerd voor politieke gevangenen. De Nederlandse bahá'ís wijzen bij de oproep tot een gebedsactie ook op andere schrijnende gevallen. Daarbij gaat het om: -Yousef Nadarkhani, pastoor van een kerk in de Gilan provincie, die ter dood veroordeeld is wegens afvalligheid. -Behrouz Sadegh-Khanjani, die is beschuldigd van afvalligheid omdat hij christen is geworden. -Adiva Soleyman, Iraans-joods en haar man Varjan Petrosian, Iraans-Armeens. Zij zijn in het geheim opgehangen (bron: HRANA). Onlangs nodigde de minister van Buitenlandse Zaken, Mr. U. Roosenthal, dertien religieuze leiders uit van onderdrukte religieuze minderheden wereldwijd. Twee van deze  genodigden, waaronder een lid van de Nationale Geestelijke Raad van de Bahá’ís van Nederland, vertegenwoordigden onderdrukte religieuze minderheden in Iran.

Internationaal is de laatste maanden met afkeuring gereageerd op de veroordeling van de bahá'í-leiders in Iran. De afgelopen maand sprak de minister-president van het Verenigd Koninkrijk zijn diepe bezorgdheid uit over de situatie van de zeven bahá'í-leiders en de voortdurende aanvallen op het Bahá'í-geloof in Iran. ‘Uw waardigheid en geduld is bewonderenswaardig om onder een zodanig ernstige discriminatie en intimidatie gewoon trouw te blijven aan uw geloof’, aldus David Cameron in een brief aan de Nationale Geestelijke Raad van de bahá'ís in het Verenigd Koninkrijk. De Europese Unie (EU) verklaarde onlangs het feit te betreuren dat leden van religieuze minderheden in Iran worden gediscrimineerd in zaken als huisvesting, onderwijs en overheidsbanen. Jongeren die tot deze minderheden behoren worden daardoor aangezet om te gaan emigreren. De EU veroordeelde ook met name de systematische vervolging van de bahá’í-gemeenschap, de golf van arrestaties onder christenen in 2009 en de intimidatie van religieuze dissidenten, bekeerlingen, soefi’s en soennieten. De EU pleitte, evenals tal van regeringen, mensenrechtenorganisaties en prominenten voor de vrijlating van zeven bahá’í-leiders. Zij deed een beroep op het Iraanse parlement om de Iraanse wetgeving te wijzigen, zodat alle aanhangers van de diverse geloofsovertuigingen in Iran – of deze nu wel of niet in de grondwet worden erkend – hun geloof kunnen belijden zonder te worden vervolgd.

Den Haag, 11 mei 2011

Adressen en Activiteitenoverzicht Archief activiteiten en foto's